Staniastate Toegankelijk voor publiek
Kantoren, praktijkruimtes, brasserie en B&B, fraai gelegen in Roodbaardpark.
In het dorp Oentsjerk stonden ooit vier staten. Nu is alleen Staniastate nog over aan de weg naar Aldtsjerk.
Achter het toegangshek doemt het 19de eeuwse landhuis op, omgeven door een fraai park in landschapsstijl. De in neo-classicistische stijl gebouwde state wordt geflankeerd door twee bijgebouwen. De tuin is ontworpen door de tuinarchitect Lucas Pieters Roodbaard en bevat enkele vijverpartijen en bijzondere tuinsieraden, zoals een eendengrot.
De geschiedenis van de state gaat terug tot de 16de eeuw. De eerste eigenaar wiens naam bekend is, was Jeppe van Stania. In de 18de eeuw betrok grietman Hans van Haersma de state, die hij liet verbouwen. De tuin werd in de toen modieuze barokstijl aangelegd door de stadhouderlijke hovenier Johann Hermann Knoop.
Staniastate werd in de 19de eeuw ook als zomerverblijf gebruikt. Belangrijke eigenaren waren Jan Hendrik van Boelens en Wilco Julius van Welderen baron Rengers, beiden burgemeester van Leeuwarden.
Hierna werd het landhuis eigendom van het Sint Anthonygasthuis te Leeuwarden en kreeg het de functie van uithof van het Fries Museum. In 1963 werd Staniastate aan de gemeente Tytsjerksteradiel en het park aan Staatsbosbeheer verkocht. (De gemeente is nu niet meer de eigenaar.) In de zijvleugel bevindt zich een brasserie (vooral in het weekend) en in het hoofdgebouw zijn een makelaardij en twee praktijken gevestigd. Een nevenwoning is in gebruik als Bed & Breakfast (Bêd en Brochje).
In het park aan de voorkant bevindt zich een eik die naar schatting uit de eerste helft van de achttiende eeuw stamt (boomnummer 1682959 Landelijk Register Monumentale Bomen). Het is de eik aan de rechterkant van het water, gezien vanuit de state, niet ver van de state vandaan. Tientallen andere bomen aan de voorkant van de state (beuken, linden, een tulpenboom) staan eveneens in het register.
In 1758 wordt Jan de With eigenaar. Jan kwam uit Denemarken en heette eigenlijk Jens Nielsen True. Hij werkte als commandeur bij de VOC en verdiende daar veel geld mee. Later was hij officier bij de Admiraliteit van Friesland. De state werd in zijn tijd Hofwegen genoemd, naar Jan de Withs schip. Die naamswisseling is later weer teruggedraaid. Wel zien we de naam Hofwegen nu nog in Oentsjerk als straatnaam en gebouwnaam. Jan de With overleed in 1781 en zijn weduwe in 1786. Eerst is hun zoon Cornelis Michaël de With eigenaar van de State, maar als hij in 1792 ongehuwd en kinderloos sterft, wordt hij opgevolgd door zijn jongere broer Michaël de With. Deze overleeft zijn enige zoon en dan besluit hij de state in 1803 te verkopen.
De nieuwe eigenaar wordt mr. Jacob Nanning du Tour. In 1813 breekt er brand uit, die het huis voor een deel in de as legt. Toch is het huis vrij snel weer door hem opgeknapt. In 1821 verkoopt hij de state aan Teetske Medendorp, geboren Cats, uit Leeuwarden. In 1835 is het landgoed volgens het Kadaster eigendom van Theodorus M.T. Looxma. De verkoop heeft waarschijnlijk een jaar eerder plaats gevonden. Deze laat een aanbouw realiseren en in 1859 het huis verbouwen. Hij sterft in 1876 op Staniastate. Erfgename is dochter Catharina Theresia Looxma, gehuwd met Wilco Julius van Welderen baron Rengers, die burgemeester van Leeuwarden wordt. Zij kregen negen kinderen. Rond 1916 bleef één van hen, Clara, na de dood van haar ouders op Staniastate wonen, maar zij vertrok in 1934 naar Wassenaar. Toen kocht het St. Anthony Gasthuis te Leeuwarden de state, dat het huis al vrij kort daarna doorverkoopt. Dan wordt de state een cultureel centrum, dienst doende als jeugdherberg, conferentieoord, theeschenkerij en uithof van het Fries Museum te Leeuwarden.
(Bovenstaande tekst is gebaseerd op de website Stinsen en States in Friesland, die als auteurs C.W. Braaksma en J.Leemburg noemt.)
Anno 2026 heeft het gebouw sinds een aantal jaren een Russische eigenaar.
